-
1 zonder aanzien des persoons
adv. without fear of favour, without regard to -
2 cijferaar
n. calculating person, opportunist, one who seizes opportunity (often without regard for principles) -
3 zonder aanzien
adj. irrespective, without regard to -
4 letten
1 [voornamelijk met ‘op’] [acht slaan op] pay attention (to)2 [met ‘op’] [toezicht houden op] take care of♦voorbeelden:geen mens die er op let • nobody takes any notice, nobody will noticelet wel • mind youop zijn gezondheid letten • watch one's healthzonder te letten op … • without regard to …let op mijn woorden • mark my wordslet maar niet op haar • don't pay any attention to herlet op het verschil • notice the differencegelet op het besluit van de raad • in view of the council's decisionik moet ook een beetje op de prijs letten • I also have to consider the costlet op je woorden • mind your language, be careful what you sayop de/zijn tijd letten • keep an eye on the timeik moet op mijn gewicht letten • I've got to watch my weightgoed op iemand letten • take good care of someoneer wordt ook op de uitspraak gelet • pronunciation is also taken into consideration/accountII 〈 overgankelijk werkwoord〉1 [verhinderen] prevent/stop (someone (from) doing something)♦voorbeelden:1 wat let mij? • what's to stop me (doing it)?wat let je? • what's stopping you? -
5 met voorbijgaan van
met voorbijgaan vanVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > met voorbijgaan van
-
6 storen
1 [afleiden] disturb ⇒ 〈 zich opdringen〉 intrude, 〈 onderbreken〉 interrupt, 〈onovergankelijk werkwoord ook; zich ergens mee bemoeien; radio〉 interfere♦voorbeelden:de Duitsers bleven de BBC storen • the Germans kept jamming the BBCstorend werken • be a distraction, be distractinghier kunnen we niet gestoord worden • no one will disturb us herestoort het u als ik rook? • do you mind if I smoke?stoor ik u? • am I in your way?; 〈 bij binnenkomen〉 am I interrupting (you)/intruding?niet storen! • do not disturb!iemand in zijn werk storen • disturb someone at his workiemand in zijn slaap storen • disturb someone in his sleepzich aan niets of niemand storen • be a law unto oneselfzonder zich te storen aan • without regard forstoor u niet aan die praatjes • don't listen to that gossiphij stoorde zich niet aan de waarschuwing • he ignored the warningga rustig tv kijken, stoor je niet aan mij • go ahead and watch TV, don't mind me -
7 voorbijgaan
1 [passeren; verstrijken] pass/go by2 [+ aan] [niet opgemerkt worden door] pass by3 [+ aan] [geen aandacht besteden aan] pass over♦voorbeelden:de jaren gingen voorbij • the years passed byde gelegenheid (onbenut) laten voorbijgaan • miss the opportunityeen kans voorbij laten gaan • pass up a chancemet voorbijgaan van • without regard toin het voorbijgaan • incidentally, by the way, in passinger gaat praktisch geen week voorbij of … • hardly a week goes by when/that …2 wat er gezegd wordt gaat volkomen aan hem voorbij • everything that's said passes him by completelyvoorbijgaan aan details • pass over the detailsaan iemand voorbijgaan • pass someone overuw antwoord gaat voorbij aan mijn vraag • you haven't answered my question -
8 zonder te letten op …
zonder te letten op …without regard to …Van Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > zonder te letten op …
-
9 zonder zich te storen aan
zonder zich te storen aanVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > zonder zich te storen aan
-
10 aanzien
aanzien1〈 het〉♦voorbeelden:1 dat is het aanzien waard • that is worth watching/looking atten aanzien van • with regard/respect tozonder aanzien des persoons • without respect of personsvan aanzien veranderen • change in appearancein aanzien staan bij • be held in high regard byhij is sterk in aanzien gestegen • his prestige has risen sharply————————aanzien24 [aan het uiterlijk zien] see♦voorbeelden:ik wil het nog even aanzien • I'll give it another weekiets met lede ogen aanzien • look on (something) sadly3 waar zie je mij voor aan? • what do you take me for?iemand voor een ander aanzien • (mis)take someone for someone elsenaar het zich laat aanzien • by the looks of ithet laat zich aanzien dat • it is likely that
См. также в других словарях:
without regard — index insusceptible (uncaring) Burton s Legal Thesaurus. William C. Burton. 2006 … Law dictionary
without regard to — index regardless Burton s Legal Thesaurus. William C. Burton. 2006 … Law dictionary
without regard to — without taking into account … English contemporary dictionary
regard — [ri gärd′] n. [ME < OFr < regarder: see RE & GUARD] 1. a firm, fixed look; gaze 2. consideration; attention; concern [to have some regard for one s safety] 3. respect and affection; esteem [to have high regard for one s teachers] … English World dictionary
regard — ► VERB 1) think of in a particular way. 2) gaze at in a specified fashion. 3) archaic pay attention to. ► NOUN 1) heed or concern: she rescued him without regard for herself. 2) high opinion; esteem. 3) a steady … English terms dictionary
regard — {{Roman}}I.{{/Roman}} noun 1 attention to/thought for sb/sth ADJECTIVE ▪ particular, special, specific ▪ scant ▪ They paid scant regard to my views. ▪ due … Collocations dictionary
regard — re|gard1 S3 [rıˈga:d US a:rd] n ▬▬▬▬▬▬▬ 1¦(admiration/respect)¦ 2¦(attention/consideration)¦ 3 with/in regard to something 4 in this/that regard 5 regards 6 ▬▬▬▬▬▬▬ [Date: 1300 1400; : Old French; Origin: regarder; REGARD2] … Dictionary of contemporary English
regard — I (New American Roget s College Thesaurus) v. t. consider, deem, observe, mark, note; respect, repute, esteem; concern. n. reference, concern, gaze, scrutiny, attention, deference, esteem. See relation, vision. II (Roget s IV) n. 1. [Attention]… … English dictionary for students
regard — [[t]rɪgɑ͟ː(r)d[/t]] ♦♦ regards, regarding, regarded 1) VERB If you regard someone or something as being a particular thing or as having a particular quality, you believe that they are that thing or have that quality. [be V ed as n] He was… … English dictionary
regard */*/*/ — I UK [rɪˈɡɑː(r)d] / US [rɪˈɡɑrd] verb [transitive] Word forms regard : present tense I/you/we/they regard he/she/it regards present participle regarding past tense regarded past participle regarded 1) [not usually progressive] to think of someone … English dictionary
regard — re|gard1 [ rı gard ] verb transitive *** 1. ) not usually progressive to think of something or someone in a particular way: regard someone/something as something: The nuclear reactors, which were regarded as dangerously out of date, were replaced … Usage of the words and phrases in modern English